Weekend Steensel ...
Vrijdag 12 juni: D-day. Na heel wat verkenningen om de geschikte routes te vinden, was het eindelijk zover. Hopelijk zou er niet te veel mislopen, want veel hing af van het weer. De voorbije dagen waren de weergoden ons niet echt gunstig gezind en vrijdagochtend regende het nog lichtjes. Maar goed, de datum lag vast en om kwart voor elf vertrokken we naar de parking tegenover Camping TerSpegelt.
We hadden afgesproken om daar eerst te lunchen in taverne De Keizer. Wie dat een goed idee vond, was al aanwezig. Alles samen genoten een twintigtal aanwezigen van een lekkere en meer dan voldoende lunch. Tegen half twee voegden we ons bij de overige deelnemers van het weekend, zodat we met 45 wandelaars in twee groepen konden vertrekken. Omdat het voor sommigen nog een werkdag was, zakten nog elf deelnemers op een later tijdstip rechtstreeks af naar het hotel.

De wandelingen waren verdeeld over een tocht van 6 km en een tocht van 9,5 km. Het werd een mooi voorproefje van wat de natuur ons te bieden had. Beide wandelingen gingen naar de Cartierheide, waar de legende van de Gloeiige misschien wel eens waarheid zou kunnen worden. Ik heb er wijselijk niets over verteld, in de stille hoop dat de legende ook deze keer gewoon legende zou blijven. Wie mee was, is nu waarschijnlijk nieuwsgierig. Misschien vertel ik het verhaal ooit nog eens bij een gezellig haardvuur, met een warme grog erbij.

Na de wandeling reden we met de auto’s naar het hotel in Steensel. Inchecken, douchen, andere kleren aan en even later ontmoetten we iedereen in de bar, in afwachting van het diner. Ik wist van vorige bezoeken dat het lekker was, en dat werd door iedereen bevestigd. Na misschien net iets te veel gezelligheid in het glas, trokken
we rond half elf naar de kamer voor een welverdiende nachtrust.
Zaterdagmorgen, om half acht, stonden we op appèl: het ontbijt stond klaar. Het zou een volle wandeldag worden. De genieters deden twee wandelingen, eentje van 5,7 km en eentje van 6,6 km. Eerst ging het naar de Volmolen, voor een stukje natuur zoals we dat niet vaak meer tegenkomen. Na enkele kilometers volgde de route de Dommel.
De bron van de Dommel ligt op het Kempens Plateau, bij het gehucht Wauberg in de gemeente Peer, om uiteindelijk een heel eind verder in de Maas uit te monden. Maar vooral de wandeling langs het meanderende water was echt de moeite. Na de lunch in het hotel, met, hoe kan het ook anders, een Hollandse vleeskroket, trokken de genieters nog het bos in voor een tweede wandeling.
De verkenners vertrokken met de auto naar een parking aan de Volmolenweg. Zij gingen van start voor een wandeling van 22 km, die eigenlijk deel uitmaakte van de grote afstand. Ook zij kwamen een eind verderop langs de Dommel. Daar moesten ze door schouderhoog gras. De verwittiging om een lange wandelbroek aan te doen, was dus zeker niet overbodig.
Toen het moment kwam om de rivier te verlaten, kwamen ze in een weide terecht en werden ze begroet door koeien die blijkbaar nog nooit Ranstuilen hadden gezien. Deze toch niet, want bij een eerdere verkenning stonden er andere. Het werd even spannend, zeker toen de beesten een stukje meewandelden. Na de weide ging de tocht verder over een vrij lang vlonderpad. Weer een eind verderop liep de route langs de Meeris, een plas van ongeveer 500 meter lang.


Tot daar het natuurgebied. Daarna ging het even door een woonwijk, weliswaar met een mooie vijver vol waterlelies. Wat verderop lag een taverne met een groot terras, en dat was welkom. Een verfrissend drankje werd genuttigd onder een nooit aflatende babbel. Ik vraag me eigenlijk af wat jullie toch altijd te vertellen hebben. Afijn, ook zij passeerden langs het stuk Dommel waar de genieters een paar uur voordien al waren. Daarna was het niet ver meer naar de auto.
En dan waren er nog de doortrappers, of doortappers, zoals ze zichzelf soms noemen. Zij vertrokken vanaf het hotel voor een tocht van 35 km. Oorspronkelijk waren het drie diehards, maar ik liet me overhalen om met hen mee te gaan. Ik ben niet echt iemand die doorgaans voor de lange afstand kiest. Voor mij is 25 km meestal voldoende, maar soit: af en toe moet je de grens eens verleggen.
Of ik er spijt van heb? Nee. Er is gelachen, veel gelachen. En in den beginne zwegen ze geen moment. Ik heb vooral geluisterd, af en toe wat bijgeleerd en mij vooral goed geamuseerd. Zoals gezegd deden we ook een groot stuk van de wandeling van 22 km. De rest was bos, vijvers, heide, kniehoog gras en schouderhoog gras. Gelukkig was er ook een taverne met een heel groot terras.

Daar kregen we te horen dat er een half uurtje eerder een wandelgroep was vertrokken. Er waren er met een kanariegeel T-shirt bij. Of we die kenden? De wereld is klein. Na het stuk langs de Dommel, dat ook de andere wandelgroepen hadden gedaan, ging het richting hotel. Het werd toen toch wel wat stiller in de groep. Ik had wel door dat de anderen mij stilletjes in het oog hielden: we waren de 25 km voorbij en je weet maar nooit met den ouwe.
Afijn, we zijn er geraakt. Eerlijk gezegd: nog 5 km erbij was iets van het goede te veel geweest. Maar ik ben toch blij dat ik het gewaagd heb. Het daverende applaus dat we in ontvangst mochten nemen, was voor mij hartverwarmend.
Ik vermoed voor de andere drie niet minder. Daaraan merk je dat de groepsdynamiek binnen de Ranstuilen enorm sterk is. Ik zit in een echt heel toffe wandelclub.
En nog iets, ergens tijdens dat weekend ontstond er spontaan nog iets leuks: onze eigen Ranstuilen-roep. Af en toe klonk het plots in groep: “Oehoe, oehoe.” Simpel, vrolijk en helemaal van ons. Hij wordt zelfs gedragen tot in Madeira.
’s Avonds bij het diner heb ik wijselijk geen alcohol gedronken en ik was blij dat we rond half elf naar de kamer konden. Wat wel jammer was: de Nederlandse tv’s waren blijkbaar niet voorzien om Belgische wandelfilmpjes te vertonen.
Zondag was het alweer de laatste dag, met nog een kleine wandeling, opnieuw in twee groepen: een korte en een iets langere afstand. Daarna trokken we naar De Kaasboerin voor een laatste gezamenlijke lunch.
Ik moet nu stilaan stoppen met schrijven, want er moeten nog foto’s bij en het moet allemaal op het blad passen.
Anders moet ik nog vier bladzijden volschrijven om het aantal bladzijden per vier te laten uitkomen. Ik heb echt
genoten van dit weekend, en aan de reacties te horen was dat bij iedereen zo. Het weer, de natuur en vooral jullie hebben Fien en mij een schitterend weekend bezorgd. Daarvoor, onze oprechte dank aan de Ganzegroep. We gaan dit overdoen.
Walter
Verslag van de genieters (Steensel 13.06.2026)
We vertrekken aan de Volmolen in Eersel. Braaf gaan we per twee staan zodat Fien ons goed kan tellen! We passeren een idyllisch draaiend waterrad en we gaan richting bossen, vinden en eten bosbessen. De stemming is opperbest. We wandelen over knuppelpaden en genieten van mooie wijdse uitzichten. Een hoge, eenzame vierkante toren verschijnt in de verte. Wie weet welk gebouw dit is? (Wij niet) ... Mysterie!
Een smal bruggetje over de Dommel nodigt uit voor een groepsfoto! Nadien is er af en toe wat gezever- vanuit de lucht- en daar vliegt plots een dreigende driehoekige drone. Worden we bespied? Defensie? Inlichtingendienst? ...
Mysterie!
Wat verderop vinden we een vrij groot karkas met lange tenen. Van een zwaan? .... Mysterie!
Terug naar het hotel.

Na een bourgondische kroket beginnen we aan de namiddagwandeling. Fien op kop, Tania en Branco sluiten de rangen. Met de zon van de partij stuiten we op een heus kunstwerk, een regenboogbank. Bos, bos en heel veel smalle bosweggetjes met als attractie enkele loslopende honden. Spontaan vertelt Tanja enkele slechte ervaringen over soortgelijke situaties. Bij het laatste bospaadje ligt zomaar een Frans rood boekje naast een boom.....Mysterie! Wie heeft het achtergelaten? Een student?

Verderop zien we enkele konijnen met een diadeem op of waren het grote witte oren op een bruine
kop?
Op het einde van onze wandeling komen we langs een ‘nieuw’ kapelletje van pastoor Willem. Er
wordt een kaarsje aangestoken en men kan in een ‘gastenboek’ zijn verhaal kwijt.
We stuiten nog op een wei met witte beeldhouwwerken. Fien, Tania en Branco poseren op het grootste kunstwerk.
Als Ranstuilen kunnen eten, doen ze dat! De plaatselijke kersenbomen worden met wandelstokken belaagd om toch maar iets te kunnen proeven.
Tot slot nog een extraatje voor Ilse; een bijensteek en een tekenbeet.
Het waren alweer heel mooie wandelingen. Heel veel dank aan de organisatoren!
P.S. de dreigende drone blijkt een privévliegtuigje - de Delta D2 - van de Belgische ingenieur Bart Verhees.
Dit verslag kwam tot stand door de dynamiek van de groep genieters en werd geschreven door:
Linda en Kirsten
Klik op onderstaande foto om nog andere fotos van het weekend te bekijken
